De Do’s en Don’ts bij het verzekeren van vastgoed

Het verzekeren van gebouwen kan in allerlei varianten; van een beperkte brand/storm dekking tot zeer uitgebreide condities (allrisk). Daartussen zit een legio aan mogelijkheden. Het kan echter zeer de moeite waard zijn om de risico’s en de dekkingsmogelijkheden goed in kaart te brengen. Daarnaast is het belangrijk om te kijken naar de van toepassing zijnde clausules in de polis. Hoewel dit redelijk voor de hand lijkt te liggen, merken wij dat men vaak onvoldoende op de hoogte is van de mogelijkheden en/of beperkingen. Hieronder blijven belangrijke onderdelen onderbelicht die het verschil kunnen maken tussen wél of géén (volledige) schade-uitkering.

Een aantal belangrijke aspecten:

Huurderving

Bij bijvoorbeeld een brand wordt tot herstel/opbouw van het gebouw overgegaan. In deze bouwperiode kan het gebouw (deels) niet worden verhuurd. De inkomsten die een verhuurder hierdoor mist noemen we huurderving. Huurderving is bij de meeste verzekeraars standaard meeverzekerd voor 10% van de herbouwwaarde voor een maximale periode van 1 jaar (voorbeeld: bij een herbouwwaarde van € 750.000,- is huurderving voor een periode van maximaal 1 jaar (ingaande direct na de schade) verzekerd voor € 75.000,-). In voorkomende gevallen kan het echter zo zijn dat de periode of hoogte van het verzekerd bedrag niet voldoende is. Er kan bijvoorbeeld een tekort ontstaan wanneer het herstel langer duurt doordat onvoldoende rekening is gehouden met opruimen van de restanten, de duur van vergunning en aanbesteding, etc. Voor dit soort gevallen zijn er mogelijkheden voor bijvoorbeeld een langere verzekerde periode van 2 of 3 jaar.

Bestemming

Wanneer een gebouw verzekerd dient te worden, geeft men aan de verzekeraar de bestemming van het pand door. Dit kan bijvoorbeeld zijn: winkel, particuliere bewoning, kantoor, etc. Belangrijk is om periodiek te checken of deze bestemming (zoals op de polis vermeld) nog correct is. Indien bij een schade blijkt dat een bestemming niet juist is kan dit een negatief effect hebben op een (volledige) schade-uitkering.

Taxatie / onderverzekering

Belangrijk is dat de verzekerde waarde (herbouwwaarde) actueel is en blijft. Bij een schade blijkt soms dat er een te laag bedrag is verzekerd, waardoor sprake is van onderverzekering. Bij onderverzekering wordt bij schade de uitkering berekend aan de hand van de volgende formule:

Rekenvoorbeeld: Iemand heeft zijn pand verzekerd voor € 1.500.000,-. De schade bedraagt € 100.000,-. Na controle van het verzekerd bedrag blijkt dat de werkelijke herbouwwaarde € 2.000.000,- bedraagt. De verzekerde som was € 500.000,- te laag waardoor er ook evenredig minder premie is betaald. Men is dus voor 25% onderverzekerd. Na toepassing van de bovenstaande formule kan worden geconstateerd dat de schade-uitkering slechts € 75.000,- bedraagt. Van de schade blijft (afgezien van het eigen risico) € 25.000,- voor rekening van verzekerde.

Voorkomen van onderverzekering! Verzekeraars bieden incidenteel een kosteloze waardebepaling aan, uitgevoerd door een bouwkundige. Voor de eenvoudige panden kan deze taxatie zelfs op afstand plaatsvinden. Op deze manier kan zelfs een grotere vastgoedportefeuilles relatief snel en eenvoudig op herbouwaarde worden geactualiseerd. Als deze geadviseerde actuele herbouwwaarde wordt gevolgd, tekent de verzekeraar een garantie tegen onderverzekering aan op de polis.

Clausules

In de meeste polissen staan clausules, bijvoorbeeld buitenopslag, elektrische installaties, brandgevaarlijke werkzaamheden etc. Wanneer bij schade blijkt dat niet aan deze van toepassing zijnde clausules is voldaan, kan het gebeuren dat de schade niet wordt uitgekeerd (zgn. ‘harde clausules’). Wanneer er sprake is van dergelijke clausules kan het lonen om bij uw verzekeraar te informeren naar de mogelijkheden om bijvoorbeeld een verhoogd eigen risico te hanteren (zgn. ‘zachte clausules’). Dit houdt in dat wanneer men niet voldoet aan de clausules er wel wordt uitgekeerd onder aftrek van een verhoogd eigen risico. Daarnaast zijn er mogelijkheden om geen dekkingsbeperkingen op te nemen in de polis. Dit geldt bijvoorbeeld voor de wat grotere onroerend goed portefeuilles. Dat wil overigens niet zeggen dat verzekeraars er dan geen waarde aan hechten. Verzekeraars gaan er vanuit dat een verzekerde er alles aan doet om schade te voorkomen (‘goed huisvaderschap’).


Paardekooper Private Insurance – ruim 27 jaar gespecialiseerd in het verzekeren van bijzondere bezittingen, zowel particulier als zakelijk.

Sinds vele jaren zijn wij gespecialiseerd in het verzekeren van (commercieel) vastgoed. Als gevolg van deze specialisatie beheren wij vele onroerend goed portefeuilles van klein tot groot. Door onze jarenlange ervaring hebben wij specifieke producten welke afgestemd zijn op de wensen van deze vastgoed eigenaren.